soeppanJe smaakpapillen. Ze worden in eerste instantie op gang gebracht door je ouders. Afhankelijk van hoe zij met voeding omgaan, ontwikkel je langzaam je eigen smaak. En ga je gerechten wel of niet lekker vinden. Door de tijd heen kan dit ook nog veranderen. Ik weet bijvoorbeeld nog dat ik de eigengemaakte appelmoes van mijn moeder echt niet lekker vond. Net als haar rabarber (uit eigen tuin), de keeltjes, peultjes en de postelein. Die rabarber heb ik echt nooit meer aangeraakt. Net als de keeltjes. De postelein heb ik laatst ter hand genomen om er soep van te maken. Heerlijk! De eigengemaakte appelmoes van mijn moeder vind ik inmiddels ook lekker. Mijn dochter was er meteen al dol op. Oma’s appelmoes is de lekkerste. Die zal zij in haar herinneringen ook opslaan bij oma Elsje. Oma Ria staat bekend om haar soep. Zij maakt namelijk volgens mijn dochter de lekkerste soep. Ik daarentegen, kan zelf soep maken maar beter vergeten, als het aan mijn dochter ligt. Ook de posteleinsoep vond ze helaas echt niet lekker …

Heel anders dan mijn herinneringen aan mijn moeder. Haar soepen zijn deel van mijn warmste herinneringen aan vroeger. Op de zondagmiddagen gingen er bijvoorbeeld, gedurende mijn pubertijd, liters soep doorheen. Erwtensoep, tomatensoep en groentesoep, geschonken in grote kommen, waar we heerlijk weggedoken in de bank van genoten. Op tv keken we dan naar Tineke de Nooij (1-2-3-4-5-6-7-8-9-Tieneke!). Zij liet haar gasten allerlei lekkers voorschotelen terwijl ze de actualiteiten doornam. Een heerlijke herinnering. Zelfs de soepkommen staan me nog voor de geest; extreem grote groene kommen waarvan ik helaas niet meer weet waar ze gebleven zijn. Maar als ik ze ergens nog tegenkom, koop ik ze gegarandeerd. Voor min pubertijd stond ik aan het aanrecht te kijken hoe mijn moeder de soep maakte. Vooral omdat daar twee momenten in voorkwamen die voor mij het summum van de soep waren: het draaien van de balletjes en het in je hand klein maken van de vermicelli, lekker krakend, waarna die de soep inging. Het draaien van de balletjes was niet alleen leuk maar ook lekker: in die tijd kreeg ik dan wat gekruid (rauw) gehakt toegestopt, waar ik van mocht snoepen. In deze tijd totally not done en toen misschien eigenlijk ook niet, maar echt, ik kon mijn geluk dan niet op.

Ik kon mijn geluk ook niet op toen ik mijn moeders grote, rode emaillen soeppan kreeg. Elke keer wanneer ik die pan nu pak om soep te maken, ga ik weer even terug in de tijd. En ga ik de uitdaging weer aan om een soep te maken die mijn dochter wel lekker vindt! Ik weet het namelijk zeker: een keer gaat het lukken! En anders moet ik me erbij neerleggen en zal ik herinnerd worden als de moeder die echt geen lekkere soep kon maken, maar wel haar best deed!

De Keukentafel schrijft: Moedersoep